Vijf sessies in Dordrecht. Mijn mentor is van de Fotobond: Jan Tito, een man met veel kennis van zowel schilders als fotografen. Heel leuk om te zien en te horen met welke voorbeelden hij steeds kwam opdagen. Heel inspirerend. Vooral de aspecten verbeelding, emotie en zeggingskracht kwamen aan bod. Aan de deelnemers werd van tevoren gevraagd na te denken over hun stijl van fotograferen en over de aspecten die zij verder wilden ontwikkelen.

Als voorbereiding op de bijeenkomsten had ik al goed nagedacht over een onderwerp. Mijn keuze werd de stadsnatuur. Binnen dit onderwerp zijn er meerdere thema’s te verzinnen. Het groen in de stad, hoe recreëren mensen in de stad, wat betekent het voor hen, het oprukkend asfalt en woningbouw enz. Kortom heel veel thema’s binnen 1 onderwerp.

Ik ben vrij ruim begonnen, gefotografeerd in parken en volkstuinen, een zwaan op een nest  van afval enz.. Gezien de tijd moest ik mij wel beperken. Uiteindelijk heb ik gekozen om de plannen voor de aanleg van een snelweg door het Lage Bergse bos te beeld te brengen. Niet als protest, dat heeft toch geen zin. Meer de zorg over wat er aan moois verloren dreigt te gaan.

Ik ben met speelgoedautootjes aan de slag gegaan in het bos, aardewerk beeldjes van konijn in bomen gezet, tot verbazing van de wandelaars en mountainbikers. Veel gewerkt met collages en meervoudige belichting om contrasten in 1 beeld te vangen. Maar het werd niet echt wat ik wilde. Ik vond het te gemaakt. Ik was mijn verhaal te geforceerd aan het vertellen. Uiteindelijk ben ik gekomen tot een impressionistische vertaling van het bos. Mijn beleving, mijn gevoel bij de Rotterdamse wildernis.

 

Nu het project is afgerond, maak ik de balans op: welke foto’s zijn het best gelukt en waarom en wat heb ik geleerd?

  1. Beperk jezelf. Fotografeer met regelmaat meerdere situaties of onderwerpen, maar kies slechts 1 thema. Probeer daar zo alle kanten van te ontdekken en in kaart te brengen. Het grote probleem hierbij is, wanneer stop je, wanneer is het genoeg?
  2. Maak het verhaal niet te af. Soms vertel je met 1 of 2 foto’s al het hele verhaal. Laat wat te raden over voor de kijker. Misschien kan je hem wel een beetje sturen door een pakkende titel te gebruiken.
  3. Hou het simpel, maak het niet te complex. Stel grenzen ook aan je bewerkingen.
  4. Neem eens een schilder of een kunstenaar die 3 dimensionaal werkt als voorbeeld. Niet om na te apen, maar als inspiratie.
  5. Overdrijf, speel met kleuren, surrealisme, symboliek en humor zijn aspecten die een rol kunnen spelen. Allemaal vormelementen en tools die je kunt inzetten om je verhaal beter te vertellen
  6. Vergeet vooral je eigen beleving bij het onderwerp niet. Wat is mooier als je jouw emotie bij het onderwerp kunt overdragen?

 

Zie ook mijn blog Rotterdams groen